Een biologische tuin zonder schadelijk gedierte. Wie wil dat nou niet? Dat is helaas een illusie, want een gezonde tuin heeft zowel nuttig als schadelijk gedierte. De kunst is om dit in een goed evenwicht te houden. Er zijn vele mogelijkheden om op een zo natuurlijk mogelijke manier schadelijk ongedierte te bestrijden.
Natuurlijk evenwicht
Een belangrijke voorwaarde voor een gezonde tuin is een natuurlijk evenwicht, een evenwicht tussen schadelijke en nuttige dieren. Die laatste hebben we bij Stadslandbouw Mooieweg namelijk het liefst en daarom kiezen wij ervoor om de omstandigheden voor die nuttige dieren te optimaliseren. Al sinds onze start timmeren we hiervoor aan de weg. En we merken dat het geduld vergt en inzicht om een voormalig kweekterrein met kassen en reguliere teeltmethodes om te vormen tot een kweekterrein met een natuurlijk evenwicht.
Wij doen niet aan monocultuur van slechts één gewas, maar kweken verschillende gewassen. En we bewaken dat ze elk jaar in een ander deel van onze tuin worden gekweekt (wisselteelt). De bemesting passen we daarop aan zodat we een gezonde bodem en sterke, gezonde gewassen kweken. Gewassen die weerstand hebben en minder vatbaar zijn voor ziekten en plagen.
In de loop der jaren is Stadslandbouw Mooieweg steeds verder ‘aangekleed’ met bomen en struiken, hagen en takkenrillen, bloemen en kruiden. Plekken waar verschillende nuttige dieren dol op zijn. Een grote en twee kleine vijvers bieden onderdak aan onder andere kikkers en padden. Er hangen nestkastjes waarin meesjes broeden. Deze eten graag rupsen en voeren ze aan hun kroost. In 2024 zijn er egeltjes van de egelopvang uitgezet op ons terrein en in het voorjaar van 2025 plaatste de Groengroep Rijkerswoerd een egelhuis en een egelvoederhuis. Het bedje voor de egels is dus gespreid en voedsel in de vorm van slakken is er voldoende te vinden.
In de bomen en in de bloementuin staan en hangen bloempotjes met stro erin, waarin oorwurmen zich overdag verschuilen. Als het donker wordt kruipen ze naar buiten om zich tegoed te doen aan luizen. Onze huiskat Shadow verorbert graag een (woel)muis, die door vraat aardig wat schade kan aanrichten aan gewassen. Hun ondergrondse gangen maken bovendien het wortelen van gewassen lastig.
Combinatieteelt
Het combineren van gewassen die elkaar ondersteunen en elkaars vijanden tegenhouden passen we ook toe. Afrikaantjes en goudsbloemen bijvoorbeeld, houden vooral door hun geur veel schadelijk gedierte tegen. Zowel in de bodem als op de plant. Wortel en ui zijn goede buren: ui houdt de wortelvlieg tegen en wortel houdt de uienvlieg tegen. Dille naast tuinbonen voorkomt zwarte bonenluis. Ook bonenkruid voorkomt luizen in de diverse bonenplanten.
Vijanden voor de groente
Soms zijn de omstandigheden dusdanig dat ongedierte teveel schade aanricht. Om te voorkomen dat de groente ten dode is opgeschreven, is ingrijpen nodig. Slakken zijn de laatste jaren wel vijand nummer 1. De zachte winters zorgen dat ze makkelijk overleven en een nat voorjaar maakt de omstandigheden ideaal voor deze veelvraten. We proberen van alles, maar alle heerlijke verse gewassen zijn bijna niet te beschermen. Eierschalen, koffiedrab, gebroken walnotendoppen…. we maken het de slak niet makkelijk. We plaatsen slakkenvallen met bier of een mengsel van gist en suiker. Daarmee vangen we de slakken, die verdrinken in de vallen. Soms vangen we de slakken handmatig en verplaatsen we ze naar elders of stoppen ze in een afgesloten zak in de vriezer voor een zachte dood. Helemaal uitbannen zal niet lukken, dus we slikken af en toe ons verlies.
Dit jaar hebben we veel last van luizen, met name de zwarte bonenluis. Bespuiten met verdunde brandnetelgier helpt, maar dat dient consequent te gebeuren. Brandnetelgier stinkt behoorlijk en luizen houden daar niet van. Bovendien maakt brandnetelgier de planten sterker en weerbaarder.
Een aantal tuinbonen vol luizen zijn afgeknipt en de zijscheuten onderaan zien er nu gezond en luizenvrij uit. Wellicht iets om een volgende keer verder uit te proberen.
Je leest het al, er zijn vele mogelijkheden om op een zo natuurlijk mogelijke manier schadelijk ongedierte te bestrijden. We zijn creatief en proberen van alles uit, maar helemaal uitbannen is niet mogelijk. Veel mensen zien liever geen ongedierte in hun kropje sla, kool of bloemen. Maar liever een paar zichtbare luizen, een slak of een rups, dan onzichtbare gifstoffen. Niet alleen voor onszelf, maar vooral voor de natuur.
